Villa’s van genot

Ewout Kieckens

Laatst kwam ik in de buurt van Milaan langs de afslag ‘Arcore’. Dat is een stadje van zo’n 17.000 inwoners dat je voordat je het weet voorbij bent. Maar ik had er wél erg in en zette direct koers naar Villa San Martino. Dit is al 45 jaar lang de woning van Silvio Berlusconi. Je hoort buiten Italië niet meer zoveel over de 83-jarige, maar hij is er gewoon nog – ook na alle schandalen en rechtbankvonnissen. Niet in het wassenbeeldenmuseum, waar hij gezien zijn overdreven voorliefde voor plastische chirurgie niet zou misstaan, maar in het Europees parlement. Ik zie Berlusconi zo in 2024 opgaan voor zijn herverkiezing. Laten we wel hopen dat Villa San Martino dan is ingericht met trapliften en drempelloze deuropeningen. Mogelijk beschikt Silvio dan ook over een instapbad. Wat zijn 34-jarige vriendin ervan gaat vinden, weet ik niet.
Villa San Martino ligt achter een dikke haag. Als je het terrein wil opkomen, moet je over de oprijlaan die ligt in de kromming van een doorgaande weg. Ik liep erheen en maakte ondertussen een paar foto’s van de ingang. Dat was geen goed idee. Vier carabinieri wisten niet hoe snel ze uit hun politieauto’s moesten komen om me tegen te houden. Ik moest de foto’s direct wissen. Politici van een bepaalde orde worden streng beveiligd. Villa San Martino is wat ze noemen een villa di delizia, letterlijk een villa van genot. Het is verleidelijk om direct een link te leggen met de beroemde bunga bunga-parties. Maar in de Brianza, de streek rondom Milaan, staat het vol met zulke achttiende-eeuwse villa’s. En het is niet gezegd dat de eigenaren allemaal viriele mannen van voor het MeToo-tijdperk zijn. Afgelopen augustus nodigde een kennis van me ons uit voor zijn huwelijk in zo’n genotsvilla. Er speelde een keurig strijkje, een koets maakte een ronde, er werd mojito geschonken… de gebruikelijke dingen. Geen harem gezien. Een beetje jammer, ja.

De genotsvilla’s hebben meestal de vorm van een centraal bouwwerk met twee symmetrische vleugels. De grootste staat in Monza. Villa Reale (‘koninklijke villa’) is met 740 kamers een Versailles in het klein. Napoleon kwam rond 1800 ook geregeld naar Monza. Het belangrijkste wat de kleine man deed, was het omzomen van het park. Aan die muur hebben we te danken dat Villa Reale (dat ook de benaming is voor het park) tegenwoordig het grootste omheinde park van Europa is. Je kunt er fietsen, aan nordic walking doen, zelfs kamperen.
De laatste bewoners waren koning Umberto I en zijn vrouw Margherita. Ook de anarchist Gaetano Bresci wist van de koninklijke voorliefde voor Monza. Op 29 juli 1900 vermoordde hij – net buiten de omheining – de koning. Op de plek staat nu een enorm monument, een verheven zuil met daarop Umberto’s kroon. Nu we het toch over doodslag hebben: de ‘non van Monza’ spreekt in dit verband wel tot de verbeelding. Films, een beroemd boek van Manzoni en stripverhalen zijn erover verschenen. De Monzese non had een relatie met een plaatselijke graaf en baarde hem twee kinderen. Om het schandaal te verbergen, doodde de edelman drie mensen, maar dat mocht niet baten. De verboden relatie en de moorden kwamen aan het licht, de man werd terdoodveroordeeld, de non 14 jaar lang opgesloten in een contemplatieve orde. Later deed ze mee aan de race van de Formule 1.
Dat laatste is natuurlijk onzin. Ik maak even een bruggetje naar het beroemde racecircuit van Monza. Daar ontmoette ik de geestdriftige autojournalist Enrico Mapelli. Hij toonde me een zwart-witfoto van coureur Antonio Ascari en zijn zoon Alberto uit het jaar 1924. “Een jaar na deze foto sterft Antonio tijdens het racen. Hij is dan 36 jaar. Maar de kiem van het racen is bij het zoontje gelegd en die brengt hem in de jaren ’50 tot het hoogste podium van de Formule 1. Maar dan komt ook Alberto om tijdens een race. Ook hij op 36-­jarige leeftijd!” zegt Enrico, met veel gevoel voor drama.
Monza heeft ook een voetbalclub. Laat die nou sinds een jaar in het bezit zijn van Berlusconi. Er wordt een beetje meesmuilend over gedaan: doet Berlusconi het grote Milan van de hand, schaft hij een zieltogende club uit de Serie C aan! Maar zo gek is dat niet. Monza is dé club van de Brianza-streek, en het is daarmee toch Berlusconi’s cluppie. Bovendien is het voetbalveld vanaf Arcore gemakkelijk aan te rijden met de rollator. •

Illustratie Sylvia Weve

Ewout Kieckens woont al vele jaren in Rome en schreef diverse boeken. Hij belicht opmerkelijke zaken van het leven in Italië.

Italië Magazine editie 6 2019

Italië Magazine editie 6 2019

Restaurant van het Jaar 2019

Restaurant van het Jaar 2019

Nieuwsbrief

Advertentie

Ads